Snoepjes voor de baby
Kijk eens, juf, tumtummetjes. Voor de baby. Lekker zacht, toch, juf?
Maar Eefje, dat is lief van jou, dank je wel. En juf stopt een tumtummetje in haar eigen mond.
Neehee, voor de ba-by, niet voor u. Oh, eh, hoe eh, waar eh, nou goed, zeg maar hoe je de snoepjes aan de baby wil geven, Eefje, zei juf verbaasd.
Ik druk op de navel van juf. Hier toch, juf? We giechelen allebei. Ik schrok ervan dat ik echt op de navel van juf drukte. En bij juf kietelde het, denk ik.
Eefje, zei juf, ik bewaar de tumtummetjes en zal zometeen aan de hele klas vertellen hoe de baby in mijn buik nu eet. Hoe vind je dat?
Juf, wacht even, mama heeft nog een boekje van toen ik in haar buik zat. Mag ik het morgen meenemen en aan de klas laten zien?
Dat vind ik een origineel idee, Eefje. Jij gaat informatie verzamelen en een kleine spreekbeurt houden morgen. Heel leuk.
Ja, dan vertel ik over het vruchtensap waar de baby in zwemt en de ketting waar de baby aan vast zit en de moeder die nu om de baby heen is en over de hangmat waar de baby in slaapt.
Goed, goed, Eefje, zei juf toen, ga eerst maar met je mama dat boekje kijken. En juf moet lachen. Ik lach gewoon mee.