Sharon en de omafiets
Sharon is een meisje van vijftien met amandelvormige ogen en lang golvend haar.
Ze woont aan de buitenkant van de stad in een mooi huis samen met haar familie. In de tuin staat sinds een paar dagen een prachtige zwarte fiets, het is een “omafiets”. Ze heeft de fiets voor haar verjaardag gekregen. Niet dat Sharon nu zo van dingen van vroeger houdt, hoor…..! Ze heeft een moderne mobiele telefoon, waarmee ze belt en foto’s en filmpjes maakt en ze houdt van computeren. Maar die fiets……. Sharon verwacht er heel wat van. Ze hoopt dat de fiets haar zonder al te veel trappen overal zal brengen waar ze maar heen wil. Met zo’n fiets ben je ook helemaal “in” bij je vrienden. Dat de omafiets heel eigenwijs is, dat weet Sharon nog niet! Ze heeft er nog maar een paar keer op gereden en ze kent de fiets nog niet zo goed. Soms staat de “omafiets” te glimmen in de zon en heeft de fiets zin om met Sharon op stap te gaan. Soms staat de “omafiets” dof in de mist en is niet vooruit te branden. Tassen vol boodschappen, daar heeft de omafiets een hekel aan en naar schoolgaan vindt de fiets ook maar ….zo, zo. Op een morgen moet Sharon om kwart over negen op school zijn. Ze doet haar tas op de fiets en voor ze op de fiets stapt kijkt ze nog even in de spiegel of haar haar goed zit. Als ze opstapt lopen allebei de banden leeg. “Verdorie”, zegt Sharon: “ik moet naar school”. Ze pakt de fietspomp en pompt zo hard ze kan, maar de banden blijven leeg. De ventielen zijn nog goed, dus doet ze de binnenband in een bakje water en nee geen lek. Ze heeft nog een halfuur. De fiets staat er dof bij en reageert niet. “Praat maar met haar”, zegt haar moeder lachend. Sharon pakt een mooie wollen doek en begint de fiets op te wrijven tot die glimt als een spiegel. “Ga nou mee”, zegt ze. De fiets heeft het begrepen. Ze vliegt in een vaart naar school. Sharon is nog net voor de zoemer binnen. “Poeh-poeh”, mompelt ze: “dat was op het nippertje”. Ze heeft een paar vrije dagen en heeft een heel goed plan……. Ze wil naar een optreden van haar lievelingszanger. Hij treedt niet in Nederland op, dus ze moet wel een eind rijden. Ze pakt een tas in met brood, pakjes drinken een wortel voor de geeuwhonger, want ze wil niet teveel snoepen, alleen maar af en toe een muffin en wat drop. Ze zegt haar familie gedag, tikt tegen het stuur en ja hoor de fiets heeft er zin in. Ze is zo in Rotterdam en gaat dan met de boot over. Nog een eindje rijden en ze is in Londen. Van ver af ziet ze de Towerbrug en als ze dichtbij komt passeert ze de soldaten die op wacht staan in oude kostuums. Met haar mooie “omafiets” mag ze voorbij. Het optreden van haar lievelingszanger is echt een succes. Ze zingt hardop mee en omdat ze zo’n mooie stem heeft mag ze op het podium komen en krijgt ze een roos met een handtening op een kaartje. De zanger kijkt haar diep in de ogen….. maar dan begint teglijkertijd haar fietsbel te rinkelen. Ze moet er vandoor. De zanger zingt zijn laatste lied, terwijl Sharon de poort uitrijdt. De wachters bij de poort doen haar uitgeleide. Met een vaart gaat het terug naar de boot. Sharon is blij en roep: ”yes” en trapt goed door. Op de boot eet ze haar brood, de muffin, de wortel en ze drinkt melk, echt waar! Ze heeft geluk met het weer. De overtocht is rustig. De boot deint zachtjes op en neer. Ze wordt helemaal niet zeeziek. Terug naar huis heeft ze wind tegen, dus ze is bekaf als ze eindelijk bij de achterdeur staat. Naar boven sluipen valt niet mee. Alles ziet er op haar kamer nog net zo uit als toen ze wegging. Ze legt de carnavalspruik en de opgerolde deken weg, poetst haar tanden, doet het lampje uit en slaapt. De roos met het kaartje legt ze op de tafel bij de spiegel. De volgende morgen is ze nog doodmoe, maar haar moeder ziet de roos en het kaartje en knipoogt “Geheimpje, Sharon? ”Mmmm”, zegt Sharon: “ik vertel het nog wel eens”. De fiets staat tevreden te glimmen in de zon. “Oma "Kiwie" heeft je fiets nog niet gezien”, zegt de moeder van Sharon. Sharon gaat op weg, maar oma "Kiwie" en de fiets kunnen het zo goed met elkaar vinden, dat Sharon de fiets niet meer van het slot afkrijgt. “Goh, oma ik moet thuis de hond nog uitlaten”, zegt Sharon. “Ja”, zegt oma: “je weet het, met deze fiets moet je overleggen!”. “Bah,bah”, zegt Sharon ongeduldig: “elke gewone fiets doet wat je wil, behalve deze omafiets”. “Ja”, zegt oma "Kiwie": “maar dit is een fiets met een eigen wil”. “Wacht maar tot jezelf een oma geworden bent, dan laat je je ook niet meer voor elk karretje spannen. De fiets en ik begrijpen elkaar”. Oma knipoogt naar de fiets, steekt de sleutel in het slot en ja hoor de fiets rijdt trots de oprijlaan af. Oma "Kiwie" zwaait Sharon na. Nog een dag later is de fiets ineens verdwenen. Sharon is in rep en roer. Ze heeft de hond uitgelaten haar tas ingepakt. De sleutel van de fiets zit in haar zak, maar de fiets is spoorloos!!!! Ze belt de politie en hangt een brief op in de supermarkt om de hoek. Overal zoekt ze en iedereen zoekt mee. Dan doet haar opa die in dezelfde rij woont zijn schuur open om een schop te halen, want hij wil in de tuin werken. En wat zie Sharon daar, glimmend en wel: de omafiets. “Ik snap het al”, zegt opa: “de fiets wil niet meer buiten staan”. “Het wordt tijd dat er een schuur komt bij jullie”. Het lijkt wel of de fiets nog extra staat de glimmen als opa dat zegt. Sharon zegt: “ik koop een hangslot voor de fiets, ik zal haar krijgen”. “Ik weet niet of dat helpt”, zegt opa: “Dit is geen gewone fiets”. “Nee”, zegt Sharon: “ze is bijzonder eigenwijs en ik heb er evenveel last als plezier van”. “Je moet ook overleggen”, zegt op: “dat moet ik met oma ook”. Sharon knikt, ze vindt het allemaal maar zo..zo. “Maar je wou toch deze fiets”, zegt opa: “Ik weet zeker dat je hem niet wilt ruilen”. Sharon kijkt eens naar de mooie diepzwarte trots glimmende fiets en zucht: “nee ruilen wil ik hem niet”. Ze gaat liefkozend met haar hand over het stuur en de fiets, die glimt en rinkelt met de bel.